Etiketten beloven vaak in grote letters de mooiste en gezondste dingen. Bijvoorbeeld minder vet of light. Belangrijk is echter om altijd de achterkant en de “kleine lettertjes te lezen”. Light betekent of 30% minder vet of 30% minder suiker. Vaak is het zo dat als er 30% minder suiker in het product zit er 20-30% meer vet in zit. Vergelijk het product altijd met andere gelijksoortige producten.
De warenwet bevat wettelijke regels op het gebied van etikettering op verpakkingen van levensmiddelen. De Europese wet Voedselinformatie is eind 2014 ingevoerd. In deze nieuwe wet, die diverse andere wetten heeft vervangen, staat welke informatie over voedingsmiddelen aan consumenten verstrekt moet worden, en op welke manier. Zo zijn er voorschriften over wat er precies op het etiket moet staan. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit houdt toezicht op de uitvoering van deze wet.
De NVWA (Nederlandse voedsel en waren autoriteit controleert of fabrikanten zich aan deze regels houden.
Als op een maaltijd wel een volledig etiket moet staan, dan zijn de volgende vermeldingen verplicht:
- Naam van het product.
- Lijst met ingrediënten (in afnemende volgorde).
- Eventueel aanwezige allergenen.
- Hoeveelheid van de ingrediënten (als dit in de benaming of afbeelding van het product zit, bijvoorbeeld frambozenvla).
- Netto hoeveelheid van het product.
- Houdbaarheidsdatum(‘ten minste houdbaar tot’ of ‘te gebruiken tot’).
- Bijzondere bewaarvoorschriften of gebruiksvoorschriften, indien nodig.
- Naam en contactgegevens van de fabrikant of verkoper/importeur.
- Een gebruiksaanwijzing (als het product moeilijk te gebruiken is zonder gebruiksaanwijzing).
- Land van oorsprong of plaats van herkomst van vlees, indien nodig.
- Alcoholpercentage (indien er meer dan 1,2% alcohol inzit).
- Voedingswaardevermelding (voedingswaardedeclaratie).
Ingrediënten
Onder deze rubriek staan de ingrediënten uit het product genoemd. Het ingredient dat het meest gebruikt is, staat vooraan, het minst gebruikt staat achteraan. De ingredienten worden zo oorspronkelijk mogelijk benoemd: niet alleen olie maar plantaardige olie, niet alleen bloem maar tarwebloem.
Op sommige verpakkingen staat ook de hoeveelheid van een bepaald ingrediënt genoteerd zoals in vruchtenyoghurt: 1% perzikensap, 7% abrikoos, 33% pindapasta…
Ook E nummers en allergenen staan onder deze rubriek. Er zijn lijsten met alle E nummers.
Verplichte allergenen lijst:
Gluten; schaaldieren; eieren;vis; aardnoten; schaalvruchten zoals amandelen hazelnoten, walnoten; soja; melk; selderij; mosterd; sesamzaad; zwaveldioxide; lupine; weekdieren als oesters, moselen. En alle producten op basis van deze ingredienten.
voedingswaarde
het geeft aan hoeveel energie (calorieën per 100 gram en per portie per voedingsstof ( koolhydraten, eiwitten, vetten) er in een product zitten. Deze lijst wordt soms aangevuld met hoeveelheid zout (natrium), voedingsvezels enz.
met koolhydraten waarvan suikers bedoelt men de eerste 2 vormen nl. monosachariden en disachariden. De suikers die het snelst worden opgenomen en dus een piek veroorzaken in je bloedsuikerspiegel en het meeste negatieve effect hebben bij overdadige inname. Deze suikers kunnen in verschillende benamingen op het etiket staan: glucose, fructose, maltose, , galactose(oftewel monosachariden) en sucrose(suiker)lactose, maltose, honing en allerlei siropen (de disachariden).
Vaak staat op het etiket hoeveel eiwit het product bevat per 100 gram of 100 ml, en soms ook per portie. Als eiwit aan een product is toegevoegd, hoort dit in de ingrediëntendeclaratie te staan, samen met de bron, bijvoorbeeld tarwe-eiwit, soja hydrolysaat.
Weetjes:
Als er op het etiket granen/meel staat is er sprake van volkorenbrood. Als er bloem op het etiket staat, heb je geen volkorenbrood.
Scharreleieren komen van scharrelkippen die leven in stallen waarin ze vrij kunnen bewegen. Scharrelkippen komen niet buiten. Biologische kippen lopen in de buitenlucht en krijgen biologisch voer. Namen als 4-granen ei, omega 3 eieren verwijzen naar het voer dat de kippen krijgen. De eicode vertelt iets over de leefomstandigheden van de kip. Aan het eerste cijfer van de stempel op het ei kun je zien hoe de kippen gehouden zijn:
0 = biologisch ei
1 = vrije uitloop ei
2 = scharrel ei
3 = kooi ei
e op het product
Dit geeft aan dat de hoeveelheden in dit product een schatting is ( estimate)
Houdbaarheidsdatum
Op verpakkingen kunnen 2 soorten houdbaarheidsdatums staan: een THT-datum (ten minste houdbaar tot) of een TGT-datum (te gebruiken tot).
THT staat voor ‘ten minste houdbaar tot’. Een THT-datum staat op voedingsmiddelen die niet snel bederven. Na deze datum kan de kwaliteit, zoals smaak, geur of kleur van het product, achteruit gaan. Je kunt het vaak nog wel zonder gevaar eten. De fabrikant garandeert tot de THT datum een smaakvol en veilig product.
Een TGT-datum staat op zeer bederfelijke producten. Na de TGT-datum moet je de producten weggooien. De TGT-datum is de laatste dag waarop het nog veilig is om het product te eten.
Op ongekoelde en gekoelde producten kan een THT-datum staan. Hiervoor geldt het volgende:
- Ongekoeld met THT-datum: Bij producten die je ongekoeld kunt bewaren gaat vooral de kwaliteit achteruit na de THT-datum. Denk aan meel, koffie, snoep en frisdranken. Deze producten kunnen vaak nog prima gegeten worden na de THT-datum. Het is hierbij belangrijk om zelf te beoordelen of een product nog gegeten kan worden door te kijken, ruiken en proeven.
- Gekoeld met THT-datum: Er zijn ook producten met een THT-datum die je gekoeld moet bewaren. Vaak zijn dit bederfelijke producten, zoals vleeswaren, eieren, zachte kaas en gebak. Voor deze producten geeft de THT-datum wel goed aan hoe lang je een product veilig kunt bewaren.
Producten waarvan de THT-datum is verstreken, mogen volgens de wet worden verkocht. Als dit gebeurt, is dit op verantwoordelijkheid van de verkoper.
TGT-datum
TGT staat voor ‘te gebruiken tot’. Een TGT-datum staat op voedingsmiddelen die je maar kort kunt bewaren, zoals vlees, vis, voorgesneden groenten, koelverse maaltijden of verse vruchtensappen.
Deze datum is de laatste dag waarop je het product nog veilig kunt gebruiken. Na deze datum kunnen er namelijk ziekteverwekkers, zoals bacteriën gaan groeien. Deze kun je vaak niet zien, ruiken of proeven, maar je kunt er wel ziek van worden. Na de TGT-datum moet je het product dus weggooien.
Bewaarinstructie bij TGT-datum
Bij de TGT-datum moet er ook een bewaarinstructie op de verpakking staan. Zet deze producten altijd zo snel mogelijk in de koelkast en stel de temperatuur van de koelkast in op 4 °C. Producten met een verlopen TGT-datum mogen niet meer worden verkocht.
Door de producten kort na aankoop in te vriezen, kun je de houdbaarheid wel verlengen tot na de TGT-datum.
Producten zonder datum
Er zijn ook voedingsmiddelen waarbij volgens de wet geen houdbaarheidsdatum verplicht is. Voorbeelden zijn:
- Verse groente, aardappelen en vers fruit, niet geschild of gesneden
- Wijn en dranken met een alcoholgehalte van 10% of meer
- Vers brood en banket wat op dezelfde dag gegeten wordt
- Azijn
- Keukenzout
- Suiker
- Suikerwerk, zoals snoep Kauwgom
Bij deze producten kun je zelf de kwaliteit in de gaten te houden. Als het product er goed uitziet en goed ruikt, kan het vaak best een dagje langer mee.
Bewaren
Voor alle producten, met THT, TGT en zonder datum, geldt dat het goed bewaard moet worden.







